Ga naar de inhoud van deze pagina.
Begroting 2026 Programmabegroting 2026-2029

Rioolheffing

De rioolheffing dekt de kosten van de gemeentelijke waterzorgplichten. Het verhaal van kosten betreft niet alleen het afvoeren van water vanaf een perceel via de riolering, maar omvat ook de verwerking van hemelwater en maatregelen ter voorkoming van problemen met grondwater.

De modelverordening rioolheffing die als basis geldt voor de Verordening Rioolheffing gemeente Westland, is in 2022 gemoderniseerd. De belangrijkste wijziging is dat de eis van directe of indirecte aansluiting voor belastingplicht voor de rioolheffing vervalt. Het perceel heeft geen directe of indirecte aansluiting nodig om in de heffing betrokken te worden. Zorgplichten reiken veel verder dan aansluiting op het buizenstelsel dat voor de afvoer van afvalwater wordt gebruikt. De gevolgen door klimaatverandering hebben een steeds grotere impact op zorgplichten voor hemelwater en grondwater. Het profijt van de nakoming van alle zorgplichten komt alle eigenaren en alle gebruikers van alle percelen ten goede, ook die zonder aansluiting. Hierdoor worden meer onroerende zaken betrokken in de heffing.

Rioolheffing Baten 2026 Lasten 2026

7.2 Kosten taakveld Riolering incl. (omslag)rente


12.309.300

7.2 Dotatie vervangingsinvestering, artikel 44 lid 1


3.645.000

2.1 Verkeer en vervoer


1.384.700

2.4 Economische havens en waterwegen


884.700

Netto kosten taakveld


18.223.800

Toe te rekenen kosten:


0.4 Overhead incl. (omslagrente)


1.755.600

Btw


1.393.500

Opbrengst heffingen:


7.2 Riolering (plus areaaluitbreiding)

18.369.600

6.3 Inkomstenregeling (kwijtschelding)

-213.600

Totaal rioolheffing

18.156.000

21.372.900

Dekkingspercentage voor mutatie voorziening


84,9%

Onttrekking voorziening artikel 44 lid 2

3.217.000

Dekkingspercentage 2026


100,00%

Dekkingspercentage 2025

100,00%


Toelichting rioolheffing:

  • De kosten, toegerekend worden vanuit taakveld 2.1 Verkeer en vervoer, zijn de kosten van straatreiniging en een gedeelte m.b.t. watertaken, onderdeel duikers. De straatreiniging voert de gemeente uit met het oog op het functioneren van de riolering, verkeerd aanbieden van afval en de verkeersveiligheid. Een exacte verdeling over de onderdelen is niet te bepalen. Wij schatten in dat 15% van de kosten van de straatreiniging betrekking heeft op de riolering. De kosten voor de duikers worden voor 100% toegerekend aan de riolering.
  • De kosten, toegerekend vanuit taakveld 2.4 Economische havens en waterwegen, betreffen de kosten van de watertaken. Zeventig procent van deze kosten valt toe aan de riolering. De overige dertig procent geldt als kosten voor de vaarroutes.
  • Voor het rioolplan start in 2025 een toekomstbestendig watersysteemanalyse. De uitvoering hiervan vindt plaats in 2027.
  • Voorziening toekomstige rioolvervangingsinvesteringen (Voorziening artikel 44 lid 1d BBV): In het tarief mogen spaarbedragen voor toekomstige vervangingsinvesteringen worden meegenomen. Deze staan als last opgenomen in de exploitatie en zijn toegevoegd aan de voorziening. De voorziening toekomstige rioolvervangingsinvesteringen bedraagt op 1 januari 2026 € 9,6 miljoen. In 2026 bedraagt de storting € 3,6 miljoen en de geraamde onttrekking € 1,6 miljoen.
  • Voorziening artikel 44 lid 2: Opbrengsten uit de rioolheffing en gespaarde gelden als gevolg van uitgestelde werkzaamheden zijn uitsluitend én blijvend voor het rioleringsdoel bestemd en ondergebracht in een voorziening. Eventuele tekorten worden onttrokken aan de voorziening Riolering. De voorziening Riolering bedraagt op 1 januari 2026 € 13,2 miljoen.